Alles over Conjunctuur en conjuncturele verschijnselen
Op deze pagina vind je alles wat je nodig hebt om dit onderwerp te beheersen. Gebruik de tabs hieronder om te navigeren.
Eindtermen
Wat je moet kennen
Samenvatting
Duidelijke uitleg
Video's
Uitleg bij je methode
Examenvragen
Oefen met echte examens
Conjunctuur en conjuncturele verschijnselen
De kandidaat kan herkennen, begrijpen en toepassen:
| Code | Beschrijving |
|---|---|
| I1.1.1 | Economische ontwikkeling op korte termijn relateren aan de volgende conjunctuurindicatoren (niveau en veranderingen): economische indicatoren: bbp, export, investeringen en consumptie; vertrouwensindicatoren: consumentenvertrouwen en producentenvertrouwen; arbeidsmarktindicatoren: werkloosheid en werkgelegenheid. |
| I1.1.2 | Conjuncturele situaties onderscheiden en deze relateren aan de genoemde conjunctuurindicatoren: hoogconjunctuur (een situatie van overbesteding met lage werkloosheid en toenemende inflatie), laagconjunctuur (een situatie van onderbesteding met hoge werkloosheid en afnemende inflatie), recessie (een situatie waarin minimaal een half jaar sprake is van negatieve groei), depressie (een situatie waarin sprake is van deflatie en recessie). |
| I1.1.3 | De gevolgen van conjuncturele ontwikkelingen op inflatie / deflatie, werkloosheid, werkgelegenheid en inkomensontwikkelingen. |